Een Nikon objectief kiezen lijkt eenvoudig: Nikon gebruikt al sinds 1959 de F-vatting, dus vrijwel alles past. In de praktijk werkt lang niet elk objectief op elke camera zoals bedoeld. Sommige stellen niet automatisch scherp, andere kunnen hun diafragma niet regelen. In dit artikel leer je de codes op een Nikkor lezen en zie je welke objectieven het beste werken op een oudere camera zoals de Nikon D70.
In het kort
- Alle Nikon-spiegelreflexen gebruiken de F-vatting, maar niet elk F-objectief werkt volledig op elke camera.
- Op de D70 stellen zowel AF-, AF-D- als AF-S-objectieven automatisch scherp.
- AF-P- en E-objectieven zijn niet geschikt voor de D70; Z-objectieven passen helemaal niet.
- Door de DX-sensor lijkt elk objectief 1,5 keer zo 'lang' als de brandpuntsafstand aangeeft.
De F-vatting: één bajonet, veel generaties
De F-vatting is de bajonet waarmee een objectief aan een Nikon-spiegelreflex vastklikt. De vorm is sinds de introductie nauwelijks veranderd. Daardoor kun je een objectief uit de jaren tachtig vaak nog op een digitale camera zetten.
Wat wel veranderde, is de manier waarop camera en objectief samenwerken. Eerst ging dat mechanisch, met een hendeltje voor het diafragma en een koppeling voor de lichtmeter. Later kwamen er elektrische contacten bij, een schroefas voor de autofocus en uiteindelijk motoren in het objectief zelf. Elke generatie camera ondersteunt een eigen selectie van die technieken.
Let op het verschil met de Z-vatting. Die hoort bij de spiegelloze Z-camera’s van Nikon. Z-objectieven passen niet op een spiegelreflex zoals de D70. Andersom kun je F-objectieven met een adapter wel op een Z-camera gebruiken.
DX of FX: welk sensorformaat heb je?
Nikon gebruikt twee sensorformaten. FX is even groot als een kleinbeeldnegatief van 36 bij 24 mm. DX is kleiner, ongeveer 24 bij 16 mm. De D70 heeft een DX-sensor, net als de meeste instap- en middenklassemodellen van Nikon.
DX-objectieven zijn ontworpen voor die kleinere sensor. Ze zijn compacter en lichter, en op de D70 werken ze precies zoals bedoeld. FX-objectieven en oude objectieven voor filmcamera’s passen ook. Je gebruikt dan alleen het midden van het beeld, wat vaak juist het scherpste deel is.
De cropfactor in de praktijk
Door de kleinere sensor zie je met elk objectief een uitsnede van het beeld. Die uitsnede komt overeen met een brandpuntsafstand die 1,5 keer zo lang is. Een 50 mm-objectief geeft op de D70 dus de beeldhoek van ongeveer 75 mm op een FX-camera. Dat is fijn voor portretten en sport, maar lastiger als je breed wilt fotograferen. Voor weidse landschappen heb je op DX een objectief nodig dat begint rond 10 tot 12 mm.
Wat betekenen de codes op een Nikon objectief?
Op de ring of de doos van een Nikkor staat een rijtje letters. Dit zijn de belangrijkste en wat ze betekenen voor een camera als de D70.
| Code | Betekenis | Op de Nikon D70 |
|---|---|---|
| AI / AI-S | Handmatig scherpstellen, zonder elektronica (geen CPU) | Past, alleen in stand M en zonder lichtmeter |
| AF | Autofocus via een schroefas, aangedreven door de motor in de camera | Werkt met autofocus |
| AF-D (D) | Als AF, geeft ook de afstand door aan de camera | Werkt volledig |
| AF-S | Stille autofocusmotor in het objectief zelf | Werkt volledig |
| G | Geen diafragmaring, diafragma via de camera | Werkt volledig |
| VR | Beeldstabilisatie in het objectief | Werkt |
| E | Elektronisch aangestuurd diafragma | Niet geschikt |
| AF-P | Autofocus met stappenmotor | Niet geschikt |
Daarnaast kom je nog codes tegen die over de optiek gaan. ED staat voor glas met een lage dispersie dat kleurranden beperkt. IF betekent dat het objectief binnenin scherpstelt, zodat de voorkant niet draait of uitschuift. Micro is de Nikon-naam voor macro-objectieven.

Welke Nikon-objectieven werken goed op de D70?
De D70 heeft een eigen autofocusmotor. Dat is een groot voordeel ten opzichte van latere instapmodellen zonder motor. Je kunt daardoor kiezen uit een enorm aanbod aan oudere AF- en AF-D-objectieven, die stellen op de D70 gewoon automatisch scherp.
AF-S-objectieven werken eveneens volledig, net als G-objectieven zonder diafragmaring. Bij een G-objectief stel je het diafragma in met het voorste instelwiel van de D70. Ook VR-stabilisatie werkt, wat bij lange telelenzen of weinig licht een groot verschil maakt.
Het standaard kitobjectief van de D70 was de AF-S DX 18-70mm f/3.5-4.5G. Dat is nog altijd een prettig allround objectief met een degelijke bouw. Een populaire aanvulling is een vaste brandpuntsafstand zoals 35 mm of 50 mm met een groot diafragma, voor portretten en fotograferen bij weinig licht.
Tip: heeft je objectief een diafragmaring, zet die dan op de kleinste diafragmaopening (het hoogste f-getal) en vergrendel hem als dat kan. Anders toont de D70 de melding FEE en kun je niet fotograferen. Het diafragma regel je daarna met het instelwiel.
Welke objectieven werken niet of beperkt?
AF-P en E: te nieuw voor de D70
AF-P-objectieven hebben een stappenmotor die door nieuwere camera’s wordt aangestuurd. Nikon noemt ze niet compatibel met de D70, en ook niet met de D50 en D80. De autofocus werkt niet en ook handmatig scherpstellen is in de praktijk niet goed mogelijk. E-objectieven hebben een elektronisch diafragma dat de D70 niet kan bedienen. Laat beide typen dus liggen voor deze camera.
Handmatige objectieven zonder CPU
Oudere AI- en AI-S-objectieven passen op de D70 en kunnen prachtige resultaten geven. Je fotografeert er alleen mee in de handmatige stand M, en de lichtmeter van de camera werkt niet. Je bepaalt de belichting dus door proeffoto’s te maken en het histogram te bekijken. Objectieven van vóór 1977 zonder AI-aanpassing kun je beter niet op een digitale Nikon zetten.
Objectieven van andere merken
Merken als Sigma, Tamron en Tokina maken of maakten objectieven met een Nikon F-vatting. Veel daarvan werken prima op de D70. Bij oudere exemplaren komt het soms voor dat ze niet goed communiceren met een camera die nieuwer of ouder is dan het objectief. Test zo’n objectief daarom altijd op je eigen camera voordat je het koopt.
Zoomobjectief of vaste brandpuntsafstand?
Een zoomobjectief bestrijkt meerdere brandpuntsafstanden. Je hoeft minder te wisselen en dat is handig onderweg, want bij elke wissel kan er stof op de sensor komen. Nadeel is dat de meeste zooms minder lichtsterk zijn, met een grootste opening van f/3.5 tot f/5.6.
Een objectief met een vaste brandpuntsafstand, ook wel prime genoemd, zoomt niet. Je loopt dus zelf naar voren of naar achteren. In ruil daarvoor krijg je vaak een grotere opening, zoals f/1.8, en een scherper beeld. Op een oudere camera als de D70, waarbij hoge ISO-waarden snel ruis geven, is die extra lichtsterkte veel waard. Je kunt binnen fotograferen met een kortere sluitertijd en een lagere ISO.
Veel fotografen combineren beide: een allround zoom voor dagelijks gebruik en één lichtsterke prime voor portretten en avondfoto’s.
Een Nikon objectief kiezen: zo pak je het aan
Begin bij wat je wilt fotograferen. Voor reizen is een zoomobjectief van ongeveer 18 tot 70 of 18 tot 105 mm praktisch. Voor sport en dieren heb je een telezoom nodig, bijvoorbeeld 70 tot 300 mm. Voor portretten werkt een vaste brandpuntsafstand van 50 of 85 mm mooi op DX.
Controleer daarna per objectief de codes uit de tabel. Op de D70 kies je AF, AF-D, AF-S of G, en vermijd je AF-P en E. Koop je gebruikt, kijk dan ook naar schimmel, krassen en de werking van de zoom- en scherpstelring, zoals beschreven in het artikel over een tweedehands spiegelreflexcamera kopen. Een volledig overzicht van passende modellen staat op de pagina objectieven voor de Nikon D70.
Veelgestelde vragen over Nikon objectief
Vaak wel. AF- en AF-D-objectieven van analoge Nikons werken op de D70 met autofocus. Handmatige AI- en AI-S-objectieven passen ook, maar dan zonder lichtmeting en alleen in stand M.
Een DX-objectief maakt een beeldcirkel die alleen groot genoeg is voor de kleinere DX-sensor. Op een FX-camera vallen de hoeken daardoor donker weg. Veel FX-camera’s schakelen daarom automatisch over naar een DX-uitsnede.
Niet altijd. Bij korte brandpuntsafstanden en genoeg licht kun je prima zonder. Bij telelenzen en lange sluitertijden uit de hand helpt stabilisatie wel om bewegingsonscherpte te voorkomen.
Dat is de grootste diafragmaopening van het objectief. Hoe lager het getal, hoe meer licht er binnenkomt en hoe kleiner de scherptediepte kan zijn. Objectieven met f/1.8 of f/1.4 noem je lichtsterk.
Nikon-teleconverters zijn bedoeld voor bepaalde lichtsterke AF-S-telelenzen. Afhankelijk van de combinatie kan de autofocus trager worden of uitvallen. Controleer per objectief of de combinatie wordt ondersteund.



